vrijdag 18 mei 2018

Half jaar sabattical


Hoewel ik wéét dat regelmatig mediteren goed is voor een mens, komt het er vaak niet van; op de een of andere manier komt er altijd iets tussen.

Maar nu het yogaseizoen weer is afgelopen - ik neem me ook altijd voor thuis te yogaën maar dat komt er ook al nooit van - heb ik me maar eens ingeschreven voor een terugkomavond van de mindfulnesscursus die ik een aantal jaar geleden heb gevolgd. En nog vóór dat de avond geweest was, had-ie al effect, omdat ik dacht 'ik moet toch maar weer eens gaan oefenen, anders sta ik straks voor gek omdat ik maar twee minuten achter elkaar stil kan zitten.'

Dus heb ik de app Headspace maar eens op mijn telefoon geïnstalleerd, want daar had ik goede verhalen over gehoord. En heb ik de afgelopen week elke avond (met een app lukt het wel om op regelmatige basis te mediteren, want je wordt er steeds vriendelijk doch dringend aan herinnerd dat het weer tijd is voor je meditatie, dus toch maar niet wegdoen, die smartphone) braaf 10 minuten gemediteerd.

Ik dacht dus dat ik beslagen ten ijs kwam voor de terugkomavond. Na een stichtende tekst over vertrouwen en een mooi gedicht begonnen we met enkele yoga-oefeningen. Die deed ik met gemak, dus ik voelde me helemaal getraind. Kijk mij eens een balans hebben!

Maar toen, toen begon de zitmeditatie. Zitten, zitten, zitten. Au, au, au, pijn aan mijn benen. En au, au, au, pijn aan mijn rug. Waarom zat iedereen daar zo rustig? Bleek uiteindelijk dat we al een half uur gezeten hadden. Geen wonder dat alles me pijn deed! Headspace is voor beginners! Blijkbaar. En de rest was....gevorderd?

Ik herinnerde me ineens ook weer dat de leraar destijds gezegd had dat 10 minuten eigenlijk geen meditatie was. Minstens een half uur per dag moesten we trainen, dan had het pas effect!

En eerlijk is eerlijk: ik voelde me vanochtend herboren. Alsof ik een half jaar een sabbatical had gehad!

Nu moet ik er wel bij vertellen dat we ook nog iets hebben gedaan die avond waar ik nog nooit van gehoord had: interpersoonlijke meditatie - meditatie in een groepje.

Daarvoor moesten we eerst met z'n allen in de kring zitten. Er werd een stukje uit de 'inaugurele rede van Nelson Mandela' voorgelezen en daarna moest je bij jezelf nagaan wanneer het voor het laatst was dat je echt gestraald had, automatisch een mooie en goede prestatie neerzette en je, zoals dat tegenwoordig zo mooi heet, helemaal in je kracht stond. Dat viel nog niet mee. Maar een goede denkoefening.

Wat de leraar er van tevoren niet bij verteld had, was dat je deze ervaring daarna moest delen met je groepje (van drie). En dat zij daar op moesten reageren: wat hen het meest geraakt had in je verhaal. Dat bleek een enorm inspirerende en mooie ervaring, zowel het aanhoren als het vertellen: mensen die met recht trots op iets waren. En natuurlijk waren er steeds meditatiemomenten tussendoor. Om het goed op je te laten inwerken.

Uiteraard sloten we weer af met een gedicht. Van Lao Tse:

Heb je geduld te wachten
Tot de modder zakt,
Het water helder wordt?
Kun je in stilte verwijlen
Tot de handeling
Vanuit zichzelf ontstaat?

Dat kregen we allemaal mee naar huis, op een papiertje dat de leraar ('ik voel me net een pastoor die hosties uitdeelt') ons allemaal gaf.

Dus misschien was het niet alleen de meditatie van een half uur, maar de hele avond, die een diepe en tevreden rust gaf. De volgende keer ga ik weer; scheelt toch weer een half jaartje sabbatical!

woensdag 16 mei 2018

Syrisch bloed is goed


Nee, ik ben niet ineens vóór oorlog, mocht je dat op grond van de titel misschien denken. Het Syrisch bloed gaat over onze nieuwe buurtbewoner: een Syriër.

Deze Syriër wilde graag kennismaken met de buurt en daarom een barbecue organiseren. 'Maar hoe doe je dat?',vroeg hij aan een straatgenoot. De straatgenoot is gelukkig nogal van het organiseren, dus zette meteen een groepsapp voor een organisatiecomité op. Mét bijeenkomst in haar tuin. Dat werd eigenlijk meteen al een feestje, opgeluisterd door vlaai en prosecco. Een waar welkom dus. Zoals we eigenlijk voor elke nieuwe buurtbewoner zouden moeten organiseren. Maar je weet hoe dat gaat: dat gebeurt gewoon niet. Behalve als de nieuwe buurtbewoner dus op het idee komt om de hele buurt zelf uit te nodigen voor een barbecue.

Gastvrijheid stimuleert gastvrijheid. Daarom is Syrisch bloed in de straat soms goed...

vrijdag 11 mei 2018

Wachtverzachter


Dat men daar nooit eerder op gekomen is, want het ligt zo voor de hand; dat je niet meer naar de supermarkt hoeft voor de boodschappen, maar dat die gewoon thuisbezorgd worden!

O ja, bijna vergeten: vroeger kwam bij ons thuis in het dorp de SRV-man thuis. Dat was al een aardige stap in de richting, maar dat was toch een beetje een supermarkt op wielen. En handgeschreven bestellingen: log en ouderwets.

En Albert Heijn bezorgt ook je boodschapjes thuis als je dat wilt. Maar daar moet je dan wel bezorgkosten over betalen. 

Hoeveel mensen zullen daar nog gebruik van maken als door een nieuwe speler in het veld de boodschappen thuisbezorgd gaan worden zónder bezorgkosten te rekenen? En volgens eigen zeggen nog goedkoper en verser ook? Vrij weinig denk ik. Want wat Picnic vóór heeft op de andere supermarktketens is dat ze geen dure winkelpanden hebben; hun hele business bestaat uit het rondbrengen van de boodschappen uit de magazijnen, dus ze kunnen dat heel efficiënt en goedkoop inrichten.

Denk ik, want ik heb er nog geen gebruik van kunnen maken. Ze leveren namelijk nog niet in alle steden. En als ze een stad gaan 'veroveren', doen ze dat in een langzame opbouw. Als je niet bij de eerste aanmelders behoort, kom je op een wachtlijst te staan. 

Maar dat is geen saaie wachtlijst. Elke week dat je er op staat, krijg je namelijk een cadeautje. Een wachtverzachter zoals ze dat zelf noemen. De eerste keer dat ik tot de gelukkigen behoor die een bestelling bij ze kan plaatsen, krijg ik sowieso gratis een tros bananen (aangeboden om om het kromme verhaal een beetje recht te zetten) en een pak stroopwafels (omdat het misschien allemaal een beetje te stroperig gaat naar mijn smaak). 

Kijk, daar kan mijn eigen vertrouwde supermarkt niet tegen op. Hoewel die weer proeverijen en gratis koffie hebben. Maar minder humor dus.

donderdag 10 mei 2018

Carrièrelunch


Zó vaak krijg ik geen post vanuit de opleiding klassieke talen, maar een paar weken geleden kwam er opeens een mailtje binnen van een vertegenwoordiger van de studentenvereniging van GLTC: of ik als alumna mee wilde doen aan een carrièrelunch en de studenten iets wilde vertellen over mijn carrière na mijn studie klassieke talen. Maar natuurlijk! Zelfs als de lunch op mijn vrije dag is....

De lunch zelf bleek voornamelijk te bestaan uit heerlijke zelfgemaakte hartige en zoete spijzen (de helft van de studenten zou in ieder geval al geschikt zijn voor een carrière als kok!) en werd geserveerd in een helaas nogal zielloos collegezaaltje in het zogenaamde TvA-complex, dat op de nominatie staat om gesloopt te worden. Aan presentatievaardigheden zou nog wel wat gesleuteld kunnen worden door de jongens en de meisjes. Maar misschien hadden ze dit zaaltje gratis kunnen huren.

Naast mij was er nog een aantal alumni: een leraar uit Limburg, een assistent professor van de vakgroep geschiedenis (toevallig een jaargenot van mij) en twee promovendi (een bij archeologie en een bij cultuurwetenschappen). Behalve de leraar dus allemaal op de campus werkzaam.
Enfin, we mochten ons voorstellen en vertellen hoe we tot de keuze voor ons beroep waren gekomen. De meesten waren er net als ik van overtuigd dat ze na hun studie het onderwijs in zouden gaan, maar bij vier van ons vijf liep het uiteindelijk toch een beetje anders. Drie van de vijf hadden uiteindelijk voor het onderzoek gekozen en ikzelf na een carrière van zes jaar in het onderwijs (waar ik overigens nooit spijt van heb gehad - ik zou het zo weer doen) voor het wonderschone boekenvak. 

Tijdens de lunch konden de studenten (een stuk of vijftien) vragen aan ons stellen. Ik had eerlijk gezegd verwacht dat ze me meteen met vragen over de bibliotheek zouden bestoken, maar nee, het ging vooral over mijn onderwijsperiode: of het niet saai was om elk jaar opnieuw de ablativus absolutus uit te leggen en zo. Echt niet, zo meldde ik ze naar waarheid, want het onderwijs is zo veel méér dan dat. Je hebt namelijk te maken met jonge mensen, en die zijn stuk voor stuk de moeite waard, elk jaar opnieuw. Je bouwt een band met ze op, leert ze (inderdaad) de grammatica, maar vertelt ze ook verhalen (en zij jou), en vertaalt en beleeft de teksten met ze en ziet ze langzaam beter worden in Grieks, Latijn en tekstbegrip, maar je ziet ze ook volwassen worden. Je gaat met ze op reis en maakt ze zo op een hele andere manier mee. En je hebt leuke (want sociale) collega's.

Uiteindelijk moest ik wel erkennen dat het voordeel van mijn huidige baan is, dat ik 's avonds en in het weekend niet meer hoef te werken. Dat dat wel een zwaarwegende motivatie voor mij was geweest om niet na een paar jaar tóch weer terug te keren naar het onderwijs. O ja, en dat werken in een bibliotheek óók gewoon heel leuk is en dat ik mijn onderwijservaring en vakkennis bij de UB ook goed kan inzetten. En ook leuke collega's heb.

Al met al een boeiende middag. En een aardige bijkomstigheid dat we bij wijze van dank twee mooie boekjes en een doosje bonbons kregen. Alleen al daardoor voelde het absolutum niet als een opoffering.

zaterdag 28 april 2018

Slangenman

cobra´s onder de parasol

Ik ben er mijn hele leven al bang voor: slangen. En op het El Fnaplein liep ik dus steeds met een grote boog om de slangenbezweerders heen. Ik had al begrepen dat de cobra's die ze daar uit het mandje laten komen vaak te duf zijn om spectaculair te worden, dus dat de slangenbezweerders losse slangen bij zich hebben om om de nekken van de toeristen te leggen voor een foto.

Geen haar die op m'n hoofd die er aan denkt om zo'n foto met echte slang te willen!

De laatste dag was ik echter toch iets dichterbij het slangentafereel gekomen om het van een afstandje te filmen, met de muziek en sfeer erbij. Komt er uit het niets zo'n slangenbezweerder met slang achter op z'n rug op me af. Of ik even wil betalen.
'Eh, hier 20 dirham (2 euro).'
'Nee, 200 dirham! De slangen moeten ook eten. Of nee, eerst mee op de foto met de slang.'
'Nee, dat wil ik niet. Ik vind slangen eng.'
'Ja, maar dit is een waterslang, die doet niets.'
'Hoor eens, ik wil het niet, ja!'
'Oké, dan krijg je korting: 100 dirham. Dan hoef je ook niet op de foto met de slang.'
En hij gooide de slang achter zich op de grond. Alsof het daar beter door werd. Een andere slangenman kwam hem bijstaan.
'Wat is hier aan de hand?'
'Ze wil niet betalen en is bang voor slangen.'
Maar dat was buiten Katharina gerekend. Want die kwam net aanlopen en kan heel streng kijken met haar mooie bruine ogen.
Gelukkig werden de mannen daar zenuwachtig van en kozen ze (slangen?)eieren voor hun geld. Wat een helden.

Mijn liefde voor slangen is er niet groter op geworden. Mijn liefde voor Katharina wel...

zondag 22 april 2018

De telefoongids

telefoongids in actie

Ik had jullie al verteld over de gids, die ons een dagje mee op sleeptouw had genomen in Marrakesh, toch? Nou, dat was een prima gids, die behoorlijk wat talen sprak en veel van de geschiedenis van zijn stad wist.

Dat was fijn, en hij was ook een leuke gesprekspartner en probeerde ons het een en ander bij te brengen over de islam en de animositeit tussen het zuiden en het noorden van Marokko. Verder vertelde hij het een en ander over zijn thuissituatie, dat hij vier kinderen had en zijn zus twee honden (een unicum in Marokko). En hij vond dat ik leek op Lalla Salma, de vrouw van koning Mohammed. Zoals je hier kunt zien, klopt daar geen hout van, maar hij stond erop om een selfie met mij te maken. Ter verdediging van hem kan worden aangevoerd dat hij nog nooit buiten Marokko was geweest, dus misschien dat hij iedere vrouw die er niet typisch Marokkaans uitziet, op Lalla Salma vindt lijken.

So far so good.

Maar hij was ook irritant, want hij kreeg om de haverklap telefoon. Eerst grapten we nog dat het vast Mohammed VI was om te vragen waar zijn vrouw was, maar na een tijdje vonden zelfs wij dat geen leuke grap meer. De gebouwen waar hij ons langs leidde waren evenwel schitterend, met name het Bahiapaleis. Dus heel erg stoorden we ons er ook niet aan, want we keken onze ogen uit; daar maakte hij dankbaar gebruik van. Zaken gaan immers voor de meisjes.

Rond lunchtijd zeiden we dat we honger hadden. Nee, jullie moeten eerst naar de Majorelletuin, want ik heb al een auto geregeld. Was hij daar de hele tijd over aan het bellen? Gelukkig hadden we een paar crackers bij ons om de ergste honger te stillen en was het tripje aangenaam.

Maar nu dus de lunch. We hadden gelezen dat het Alhambracafeetje op het El Fnaplein goed en goedkoop was. Nee, dat was te toeristisch. Hij wist een veel beter restaurant. Vreetschuur bedoelde hij zeker? En goed en goedkoop was het er ook niet. We zagen wel veel mannen met bruin-wit gestreepte djellaba's rondlopen: zijn collega's! 'Ik laat jullie even alleen, dan kan ik mijn gebed inhalen, het is immers vrijdag.' Sure, zagen we een kwartier later, toen we naar het toilet moesten en hem gezellig met zijn vrienden zagen kletsen. Daar had hij ook tijd genoeg voor, want echt snel was de bediening niet in het restaurant; men had veel toeristen gevangen die dag. Heel veel.

Door zijn (telefonische) gebeden?

zaterdag 21 april 2018

Excursie naar het Atlasgebergte


Eerst wilde we 'm vanuit Nederland boeken, de excursie naar het Atlasgebergte. Maar dat  bleek nogal duur: 140 euro per persoon voor een dag. Laat maar zitten, reisbureau, we kijken ter plekke wel of we iets kunnen regelen.

En ja, bleek al gauw, voor 30 euro konden we vanuit onze riad een excursie naar de Ourikavallei in het Atlasgebergte boeken: vervoer, gids ter plekke et cetera. En dan zouden we een prachtige vallei met watervallen en berberaapjes gaan zien.
We zouden dan wel met een busje met meer personen gaan. Geen probleem, leuk juist. En wat bleek: de meeste van onze medereizigers waren Nederlanders. Hadden wij weer.
Gelukkig waren er ook nog twee Ieren bij. Konden we toch nog ons Engels oefenen. En Dari, want een van de twee bleek oorspronkelijk uit Afghanistan te komen.

Maar nu even over die Nederlanders. Die waren bij nader inzien heel tof en nog goedlachser. Een stel uit Helmond en een stel uit Rotterdam. We vroegen ze natuurlijk - we blijven Hollanders - meteen hoeveel zij betaald hadden voor de excursie. Het stel uit Rotterdam wist het niet; ze hadden het vanuit Nederland geregeld en het zat in de pakketprijs. Het stel uit Helmond had de trip net als wij vanuit de riad geboekt. Voor 25 euro per persoon! Hmm, waren we toch nog weer een beetje opgelicht.

Enfin, wij rijden met dat busje. Onderweg zou er gestopt worden bij een klein, authentiek berberdorpje, waar we gratis thee zouden krijgen. Er werd door de chauffeur niet bij vermeld dat we om de thee te verkrijgen een schoonheidsbehandeling zouden moeten ondergaan en de daarbij gebruikte arganolie moesten afnemen. Daar hadden we op dat moment - hoewel ons verzekerd werd dat al onze rimpels door het smeren van deze olie op onze huis als sneeuw voor de zon zouden verdwijnen - geen behoefte aan. We hadden vooral dorst!

Bij het plaatsje Setti Fatma aangekomen stond er al een gids op ons te wachten. Een gids? Om naar die watervallen te lopen? Dat konden we toch zeker zelf wel? Nou nee, niet dus. Want die watervallen bleken best hoog te liggen. Dat had niemand ons verteld. En we waren er dus ook helemaal niet op gekleed. Katharina had een witte broek aan en ik sandalen en een jurkje. Gelukkig bleek de gids een vaardige helper, met name waar het de gladde stenen en bruggetjes betrof. O ja, en het wiebelige laddertje omhoog. Als we dat allemaal van tevoren geweten hadden, waren we er 100% zeker niet aan begonnen! Maar er was nou eenmaal geen weg terug. Die Marokkanen toch. Hadden ze ons weer tuk!

Maar toch hadden we het voor geen goud willen missen. Net als de gehele reis niet. Meer dan 100% niet. En op de terugweg durfde de chauffeur niet eens meer te stoppen.